Ros Beiaardstadion - Bakkerstraat 47 te 9200 Dendermonde

© 2018 by Patrick De Kinder - webmaster www.kavd.be                                                        contact us

GDPR

volg ons

Trainingscomplex - Oud Kerkhofstraat te 9200 Dendermonde

IN DE SOFA

scroll

IMG_20190924_192131772_edited_edited.jpg

ONZE SOFAGAST VOOR DE MAAND OKTOBER

Onze sofagast voor de maand oktober is Patrick Meulebroek. Hij is gekend als een gewaardeerd lokaal politicus maar ook als één van de stichtende leden achter de supportersclub Dender en Schelde van café Antiekens op de Oude Vest en uiteraard ook als muzikant van het toenmalige huisorkest van den avdé, Tsing-Boem. Als je met Patrick praat over de tijd van toen ontsnap je niet aan de Deiremondse bijnamen die toen gebruikelijk waren op ’t Vestje en daarbuiten. “de slinke”, “dikke Frans”, “den bleecken”, “de fikke”, “den trip”, “tsing-boem” en “de plekker” zijn namen die de oudere supporters bekend in de oren zullen klinken.

 

Dag Patrick, hartelijk welkom op den avdé voor dit interview. Als we het willen hebben over de supportersclub Dender en Schelde, komen we bij jou terecht.

Inderdaad, mijn vader Willy had een café op ’t Vestje en die heeft met enkele supporters een supportersclub opgericht. Dender en Schelde was een supportersclub uit de jaren ’50 die niet meer bestond en café Antiekens heeft die terug opgericht in 1972. Oorspronkelijk was het lokaal van de club in café “De vier poorten” van cafébaas “den Trip” op de Molenberg. In het bestuur zaten o.a Jef Pouillard, Daniël De Potter, Frans Claus, Benonni De Wolf en mijn vader. De peter van onze club was speler Choe De Bleeckere, een icoon uit de rijke clubgeschiedenis van den avdé. Dender en Schelde was ook lid van de nationale supportersfederatie. Net zoals mijn vader Willy de avdé-microbe had overgenomen van zijn vader, gebeurde dat ook bij mij. Mijne pa speelde in de jeugdreeksen samen met Miel Mariën maar door zijn kappersopleiding zat er geen speelgelegenheid in bij de eerste ploeg.

Wat deden jullie zoal als supportersclub.

Onze hoofdactiviteit was uiteraard het in groep bijwonen van alle wedstrijden. Op verplaatsing organiseerden wij busvervoer en wij luisterden de wedstrijden ook op met ons huisorkest Tsing-Boem.  Verder hadden wij ons jaarfeest met een eetmaal voor al onze leden én de huldiging van de beste speler van het seizoen, die gekozen werd door al onze leden. Wij organiseerden ook eens een grote sportfilmavond in de zaal achter het café in 1974, wat vrij uniek was in die tijd en dat lokte massaal veel volk.

 

Dender en Schelde had een zeer grote aanhang.

Dat zal wel zijn, ik kan er geen ledenaantal op plakken maar het waren er heel veel, al meteen van bij de oprichting. Dat waren allemaal vaste klanten die al lid waren bij andere verenigingen die in onze café hun lokaal hadden. Café Antiekens kwam er in de oorlogsjaren, in 1940,  door mijn grootvader. In 1960 is mijn vader er dan ingetrokken. Zo hadden wij een kaartersmaatschappij, een bakschietclub,  een pronostiekclub, toneelvereniging Willen is Kunnen en karnavalgroep De Schensmoelen. Veel van die mensen waren avdé-supporter en sloten aan. Op verplaatsing legden wij altijd bussen in. Op een autoloze zondag waren we eens met 8 bussen, dat is wel 400 man hé. Dat waren soms verre verplaatsingen in bevordering en in derde nationale. Dat kon gaan tot Izegem, Hoei, Namen en Bas-Oha.  Wij waren dan een hele dag van huis.

We hebben het al even aangehaald, Tsing-Boem, het toenmalige huisorkest van den avdé, is onlosmakelijk verbonden met Dender en Schelde en de café Antiekens.

Dat klopt, het “klein muziekske”, zoals we dat vandaag kennen, is ontstaan in de café als “Tsing-Boem” . We zijn in 1971 gestart met vijf muzikanten om alle wedstrijden van den avdé op te luisteren.  Mijn vader had eerder al in 1963 de fanfare van de civiele bescherming gesticht in zijn café en van daaruit kwamen die muzikanten. Daarmee kreeg den avdé opnieuw een huisorkest nadat het allereerste orkest in de jaren dertig olv Gustje Mestag intussen was verdwenen. Het mooie was dat de voorvaderen van de muzikanten van Tsing-Boem reeds deel uit maakten van het eerste orkest. Mijn grootvader was daar tamboer en Jefke Van Damme en de Slinke waren daar ook actief. Ik ben  nog de énige muzikant van de stichtende leden, de rest is overleden.  Er bestaan twee avdé-marsen die geschreven werden door Marcel Kelbaert in 1923, een toenmalig bestuurslid van den avdé. Wij speelden altijd die liederen en elke supporter kende die.

 

Iets wat vele supporters zich zeker zullen afvragen en graag zouden willen weten is waar in hemelsnaam de alom gekende naam “Tsing-Boem” vandaan komt.

Tsing-Boem was eigenlijk de bijnaam van “de Fikke” , de man die op de groskes speelde.  De Fikke moest het ritme aangeven waarbij eerst met de cimbaal (tsing) en dan met de trom (boem) geslagen werd.  Mijn vader leerde min of meer de Fikke spelen en in begin had die wat problemen met de volgorde  want hij klopte steevast eerst met de trom en dan met de cimbaal waarop mijn vader ne keer zei “Fikke, gij doet altijd boem-tsing maar tis tsing-boem da ge moet doen”, en de naam van ons orkestje was geboren.

 

Zowel uit al thuis brachten jullie veel volk op de been en zorgden jullie voor de ambiance.

Op verplaatsing was KAVD altijd met de meeste supporters. Alle ploegen sloegen steeds hun inkomprijs op als wij langs kwamen. Met ons was er ambiance gegarandeerd want wij speelden ook in de kantine na de match. Bij onze thuiskomst was het steeds bal populaire in de café, ook afhankelijk van het resultaat uiteraard, maar het kon daar wel eens lang duren, de zondagavond. Vooral voor onze muzikanten was dat steeds een lange dag. Op zondag voormiddag kwamen ze op café, dan moesten ze snel naar huis gaan eten om om één uur terug te verzamelen om naar de match te vertrekken. En na de match werd er nog nagepraat en gespeeld en gedronken in de café. De laatste wedstrijd van het befaamde seizoen ’73-’74 in bevordering waarin we kampioen werden  zonder nederlaag, moesten wij naar Zwevegem en wij waren daar aanwezig met 6 bussen. In de laatste minuut maakte de Choe nog gelijk zodat wij het seizoen zonder verlies konden afsluiten. Een van onze leden had toen vuurwerk beloofd als dit zou gebeuren en zodoende werd ’s avonds een prachtig vuurwerk afgestoken op ’t Vestje aan de café. In de glorieperiode vertrokken wij bij thuiswedstrijden met het orkest te voet van aan de café op ‘t Vestje naar de match, in stoet over de brug. En na de match gingen we terug, maar vaak gingen we dan nog niet direct naar Antiekens. Onderweg durfden wij al eens te stoppen. In café Au Pont vooraan de Kasteelstraat was onze eerste stop, om daarna te stoppen in de Veerstraat bij Pee Verschueren. Wij waren pas rond 20u terug in Antiekens. Bij thuiswedstrijden deden wij al spelend onze ronde op het veld, vóór de wedstrijd, met vooraan de vaandeldrager met onze vlag en in ons zog de leden van onze supportersclub. Later liepen daar ook nog leden van Hand in Hand achter ook, een andere supportersclub. Wij hadden dan onze vaste stek op de gradins rechts van de hoofdtribune.

 

Zijn er zo grappige momenten die je zijn bijgebleven.

De jaren ’70 en ’80  zijn natuurlijk van een heel andere tijdsgeest als nu. Wij hebben ongelofelijk veel plezier gemaakt en er zijn veel mooie en grappige momenten geweest. Wij moesten eens naar Union Doornik, in bevordering.  Wij winnen daar die wedstrijd en na de match werd onze groskes kapot gestoken door een thuissupporter. Wij hadden dat eerst niet gezien maar die franstalige supporter was zo zat dat hij zichzelf had verraden. Hij zong altijd maar “groskes cashé” en Charel Den Bleeken had die kerel direct vast. Met heel dienen bus en den dader naar het plaatselijk politiebureau, en alles in het frans, dat was me daar ne cinema maar die kerel heeft de herstelling toch kunnen betalen en zelfs dubbel en dik want we konden met dat geld ook nog enkele andere trommels herstellen.

 

Hoelang heeft de supportersclub Dender en Schelde dan bestaan.

In café Antiekens was de supportersclub gehuisvest tot in 1980. Dan is de café overgenomen en zijn we verhuisd naar de Werf bij Jef Kerpel in café Het Brughuis voor een zestal jaar om daarna naar café Het Moleken te verhuizen. Daar is onze supportersclub dan uit elkaar gevallen. Tsing-Boem was intussen uitgegroeid tot “Het klein muziekske”, een orkestje met een grotere bezetting, en dat kon ingehuurd worden voor elke gelegenheid, los van den avdé. Tot op vandaag bestaat dit orkest nog altijd en vieren wij in 2021 ons vijftig jarig jubileum.

 

Alvast proficiat met het jubileum en heel erg bedankt voor deze fijne babbel.

   homepagina   

PATRICK MEULEBROEK

Stichtend lid van supportersclub Dender en Schelde

 

"Fikke, gij doet altijd boem-tsing maar het is tsing-boem da ge moet doen." 

IMG_20190718_141216832_HDR[1]_edited.jpg

ONZE SOFAGAST VOOR DE MAAND AUGUSTUS

Albric Eeckeman, alias den “Bric” is onze sofagast voor de maand augustus. Bric, nen Deiremonteneir pur sang uit het "Prezongstroatje”, is vooral gekend als uitbater van ons voormalig lokaal, de legendarische café ’t Moleken uit de Franz Courtensstraat in het stadscentrum. Maar hij was nog veel meer verbonden met den avdée op velerlei andere vlakken.

 

 

Toen we den Bric belden voor een interview wou hij meteen naar het stadion komen, want het was lang geleden dat hij ons veld nog eens zag.

Ja ik volg den avdée uiteraard nog via de media maar mijn gezondheid laat niet altijd toe dat ik nog naar wedstrijden kom kijken, maar op maandagochtend is mijn eerste werk de uitslagen bekijken in de krant.

 

Bric, de meeste mensen en dan vooral die van de binnenstad, kennen je als uitbater van ons lokaal ’t Moleken, sowieso al één van de meest legendarische cafés in ’t stad.

Dat is mogelijk ja, alhoewel ik binnen de club in de loop der tijden ook heel veel verschillende functies heb bekleed.

Ik ben gestart in het lokaal in 1981 en heb dat 9 jaar lang gedaan, daarna heeft mijn ex-partner het nog 9 jaar verder open gehouden. Ik nam het destijds over van Marcel Van Den Brempt en daarvoor was er natuurlijk Dolfke Dewachteleir.

 

Het Moleken was gekend voor zijn zeer specifiek intérieur, waar de tijd een heel lange periode was blijven stilstaan. Je waande je er in de jaren ’60.

Idd, de café was eigendom van brouwer De Wilde uit Zele die nooit renovatiewerken liet uitvoeren in al die jaren. Kenmerkend waren die houten zitbanken die vast hingen aan de muur, de grote houten trofeeënkasten boven de toog en de feestzaal op het eerste verdiep. Aan de muur hingen hele grote en oude fotokaders van de ploegen uit de glorieperiodes van den avdée.

 

Het lokaal was duidelijk een ontmoetingsplaats voor iedereen die met voetbal te maken had.

Dat zal wel zijn. Op zondag vanaf 17u begon het vol te lopen. Bij ons kon je terecht voor alle nationale voetbaluitslagen en eerste provinciale. In die tijd hadden mensen geen internet of smartphones om de uitslagen te bekijken hé. Er hing hier een groot uitslagenbord dat wekelijks werd bijgehouden door mijn vader. Die belde dan om kwart voor vijf naar Belga, het persbureau dat alle uitslagen verzamelde. Omdat vroeger bij uitwedstrijden, de spelersbus vertrok en ook terugkeerde van en naar het lokaal, kwamen supporters na de match naar daar om een praatje te kunnen slaan met de spelers. Ook scheidsrechters uit de regio zakten na hun wedstrijd af naar onze café. Soms kwamen hier wel 30 tot 40 scheidsrechters samen, waaronder ook Fons De Blick, scheidsrechter in eerste klasse. Ook in de week en zeker tijdens de maandagmarkt werd er niets anders dan over voetbal gesproken in de café. Op donderdagavond kon je bij ons al terecht voor de ploegopstelling van het komende weekend. Die hing dan aan de muur met spelersfoto en alles. Dat is iets wat nu ondenkbaar geworden is omdat trainers hun opstelling pas enkele uren voor de wedstrijd prijs geven. Bij thuiswedstrijden op zondag was het lokaal tijdelijk gesloten in de namiddag, zodat wij ook de matchen live konden bijwonen of ook omdat ik wedstrijden moest fluiten.

De bestuursvergaderingen gingen daar ook door, boven in de grote zaal, waar ook het kerstfeest voor de jeugd van KAVD doorging voorafgegaan door een optocht door de stad. Op een bepaald moment waren wij het lokaal voor 14 verenigingen zoals een karnavalgroep en de schuttersclub. Wij beschikten achteraan het café ook over een schietstand. Midden de jaren tachtig verhuisden al die clubactiviteiten van KAVD dan naar de nieuwbouw in het stadion zelf.

 

Maar buiten lokaalhouder was je nog op andere vlakken betrokken bij de club

Buiten het voorzitterschap heb ik zowat alle functies uitgeoefend bij KAVD.

Op 14-jarige leeftijd sloot ik mij aan bij de jeugd en later werd ik scheidsrechter voor KAVD. Ik floot tot in eerste provinciale, een mooie tijd. Op latere leeftijd trad ik toen in het bestuur. Ik was 2 jaar stadionspeaker, ik volgde “eminence grise” Roger Buyle op als ploegafgevaardigde van de 1e ploeg, Ik was op een bepaald moment secretaris en daarna sportief manager. Ik richtte ook de scoutingcel op, dat was altijd mijn stokpaardje. Ik werkte met verschillende voorzitters en maakte de opgang naar derde klasse mee midden in de jaren negentig. Jammer genoeg begon daarna het sportieve verval.

 

Er was ook nog een korte periode bij de buren uit Hamme

In 1999 vertrok ik naar VW Hamme als sportief manager. André Heyman ging toen met mij mee als mijn assistent. Daar heb ik vier jaar gewerkt en ik maakte toen de opgang naar tweede klasse mee. Ik was daar ook nog betrokken in het algemeen management. De stadionverlichting en aangepaste dugouts zijn projecten die ik kon realiseren. Op sportief vlak werkte ik toen veel samen met Patrick De Koster, de huidige manager van Kevin De Bruyne. Dat was eigenlijk een fulltime job.

 

 

Vertel eens iets over uw carrière als scheidsrechter

Ik was 15 jaar lang als scheidsrechter aangesloten bij KAVD. Op het moment dat ik het niveau had bereikt om op te klimmen naar de nationale reeksen, bleek mijn leeftijd een belemmering te zijn, al heeft het niet veel gescheeld. Als scheidsrechter beleefde ik ook mooie jaren. Ik was aangesloten bij KAVD waardoor ik nooit competitiewedstrijden van KAVD floot maar wel oefenwedstrijden. Zo floot ik hier ook een galawedstrijd tegen het grote Sporting Lokeren van Lato, Lubanski en Larsen voor een massa volk waarbij ook de lijnrechters scheidsrechters waren die aangesloten waren bij de club. Op dat moment had KAVD 11 scheidsrechters aangesloten bij de bond waaronder Theo Drieghe en Herwig Moons. Ooit werd ik één keer benaderd door een ploeg maar ging daar uiteraard niet op in en toen ik de bond had ingelicht wilden ze mij van die wedstrijd houden maar ik stond er op om ze toch te fluiten en die match is normaal verlopen.

 

Bedankt voor dit fijn gesprek Bric, en hou je goed.

   homepagina   

ALBERIC EECKEMAN

Onze lokaalhouder en voormalig bestuurder

 

"Buiten het voorzitterschap, was ik actief in zowat elke functie bij de club binnen het bestuur."

media-studio.edited-file-name.jpg

ONZE SOFAGAST VOOR DE MAAND JULI

Onze sofagast is iemand die nooit in de spotlights staat maar zijn werk des te meer. Terreinmeester Luc Eeckhoudt zorgt al bijna dertig jaar voor een perfecte grasmat in het Ros Beiaardstadion en dat is al jàren geweten bij vriend en tegenstander tot ver buiten Dendermonde. Hoog tijd dus voor een gesprek.

Dag Luc, dertig jaar als terreinverzorger is heel lang, dan ben je een meubelstuk van het huis ?

Als klein ventje kwam ik al naar den avdé kijken met mijn vader. Wij hadden een café op het Grootzand, Café Irène, recht tegenover de ingang van het stadion. Ik speelde toen ook in de jeugdreeksen van KAVD. Bij voorwedstrijden kwam de jeugd zich hier omkleden in onze stal.

Hoe ben je hier dan terreinverzorger geworden ?

Eind jaren ’80 kwam ik hier terreinverzorger Raymond De Donder helpen. Ik begon ook bij de groendienst van de stad om het gras  af te rijden van alle voetbalvelden van groot-Dendermonde. In 2014 ging ik op pensioen maar bleef ik het A-terrein van KAVD verder doen. Op momenten dat de velden 2 keer per week moesten gemaaid worden was dat een voltijdse job. Met een kalender van alle teams op zak kregen de ploegen met een thuismatch in het weekend meer aandacht. Ik maakte er een erezaak van dat alle velden er piekfijn bijlagen, nam er mijn tijd voor en reed desnoods extra beurten voor een beter resultaat te bekomen.

Het gras maaien, dat vraagt toch niet zo veel technische vaardigheden zou je denken ?

Niets is minder waar natuurlijk. Toen ik bij de stad begon werd een nieuwe grasmachine in gebruik genomen, een type kooimaaier, een geweldige machine. Een professioneel toestel dat ook bij topploegen in binnen-en buitenland wordt gebruikt. Ik kon er verschillende patronen mee rijden, zoals het dambordpatroon, een diagonaal patroon en een circelpatroon. Het was wel een zeer onderhoudsintensieve machine en dat vereiste toch énige vakkennis. De vleugelelementen met de messen moesten zorgvuldig afgesteld worden tot op de mm en de messen moesten ook regelmatig geslepen worden door een gespecialiseerde firma, ik demonteerde dan alles om ze daarna terug te plaatsen. Dan moesten de messen ook nog gebacklapt worden. Dat is een soort smering met olie en zand op de messen, terwijl ze achterwaarts draaien, niet zonder gevaar maar voor mij was dat routine.

De laatste jaren wordt het steeds moeilijker om dezelfde graskwaliteit van vroeger te behouden. Hoe komt dat ?

Een drietal jaar terug koos de stad voor een circelmaaier en dat heeft duidelijk zijn weerslag op de grasmat. Dit type grasmachine is qua onderhoud en afstelling veel eenvoudiger dan de kooimaaier. Alleen is die helemaal niet geschikt voor sportgrasvelden. Deze machine slaat het gras af en de andere sneed het gras af door het schaarsysteem met een onder-en bovenmes. Wanneer het gras wordt afgeslagen worden de grassprieten telkenmale beschadigd. De toppen worden dan uitgevezeld en dat is die bruine kleur van de vezels die je ziet op het veld. De groendienst probeert dit op te lossen door de messen veelvuldig te slijpen maar jammer genoeg is dat geen oplossing.

Een voetbalveld vraagt heel wat meer onderhoud dan alleen het gras maaien, mogen we veronderstellen.

Inderdaad, elke periode van het jaar kent zijn specifieke onderhoud en niet alleen het veld. Wanneer Raymond De Donder stopte als terreinmeester heb ik het volledig overgenomen. Cois Van Ranst zaliger kwam mij veel helpen, ook voor karweien rond het stadion zoals het opknappen van de zitjes onder de lange overdekte tribune. Aan Cois heb ik veel aan verloren, toen hij veel te vroeg van ons is heen gegaan in augustus 2016. Met een goede grasmat ben je uiteraard een heel jaar bezig maar het meeste in de zomer. Na de laatste thuiswedstrijd van het seizoen wordt het veld elk jaar opnieuw ingezaaid. Vóór het inzaaien wordt het gras “verlucht” met een dresser. Dat is een machine die over het veld rijdt waarbij met messen tot 30 cm diep wordt geprikt en grond boven haalt die op het gras wordt verdeeld door een rotor. Die rotor zorgt ook meteen voor een egalisering van het veld. Op die manier worden alle putten en oneffenheden er uit gehaald.  De messen brengen ook alle steentjes aan de oppervlakte, die worden dan manueel verwijderd. Het prikken zorgt ook dat er lucht komt in de onderlaag waardoor de graswortels opnieuw beter kunnen groeien. Daarna wordt er diagonaal gezaaid, meststoffen aan toegevoegd en besproeid.

Het veld wordt besproeid met zelfrijdende sproeiwagentjes. Hoe werkt dat precies ?

De intensiteit van het sproeien hangt natuurlijk af van het weer én van het type veld, naargelang de ondergrond die het water meer of minder lang vast houdt. Vorige zomer met de immense droogte heb ik continue moeten sproeien van in mei tot het moment van de waterschaarste, dag en nacht. Gelukkig beschikken wij over een geboorde waterput naast het veld. Ons sproeisysteem kan maximaal twaalf uur zelfstandig werken, maar ik stel ze korter in om zeker te zijn dat er niets fout gaat. Daarna moeten de aanvoerslangen die de automatische sproeikarretjes achter zich meetrekken over het veld, verlegd worden. De afstelling van de sproeiwijdte vraagt ook nauwkeurigheid. Men dient rekening te houden met de zonweerkaatsing op de reclameborden langs het veld, waardoor de hitte aan de kanten van het veld veel hoger is dan in het midden. Het sproeien gebeurt uiteraard enkel in de zomermaanden.

In het tussenseizoen kan het ook zijn dat ons veld soms volledig wordt heraangelegd. Dat zijn toch grote werken ?

De stad voorziet een beurtrol bij de clubs om hun veld, eens om de zoveel jaar, volledig te heraanleggen. Bij ons is dat al 10 jaar geleden omdat dit bij ons veld niet vaak nodig is vanwege de zeer goede staat van de grasmat. De gazon wordt dan kapot gespoten. Het veld wordt volledig afgegraven en er komt 100 ton nieuw fijn zand op. Met een machine worden er gaten van 3 cm diameter geprikt in de ondergrond en het zand wordt er dan in geborsteld zodat je onderaan een doorsijpeling hebt van het water en lucht voor de graswortels. Dat is een uniek zicht, den avdé lijkt dan op het strand van St.Anneke.

Hoe komt het dat hier niks van onkruid te zien is in het gras ?

We gebruikten lang het product Bofix. Dat is een selectief herbicide voor grasvelden dat enkel het onkruid wegneemt omdat dit een tweenlobbig zaad is tegenover gras dat éénlobbig is. Doordat dit al énige jaren werd gebruikt bleef op den duur het onkruid vanzelf weg voor een groot stuk. Nu is het gebruik verboden.  Onkruid wordt nu manueel verwijderd met een mes.

Welk onderhoud gebeurt er dan in het seizoen ?

Het gras wordt 2 maal per week gemaaid van maart tot november, daarbuiten één maal per week. Omdat die circelmaaier moeilijk de kanten, hoeken en het doelgebied kan bereiken, rijd ik die zelf nog eens af met een kleine handmachine.

Elke maandag na een thuiswedstrijd ga ik het volledige veld af om alle oneffenheden of putten manueel weg te werken. Indien nodig rol ik het veld. Nu meer dan vroeger omdat vroeger die kooimaaier ook rollen had en dan werd het veld gerold terwijl het gras werd gemaaid. In de winter wordt het veld indien nodig geschutfreest, een priksysteem om de bodem los te maken. Het aflijnen van het terrein doe ik ook. Dat is door de jaren heen helemaal geëvolueerd. De kalklijn van vroeger is nu een soort verf die op het gras ligt en die telkens wordt weggeveegd bij maaibeurten. Het opnieuw uitlijnen is precisiewerk met touwen die gespannen worden. Ons veld is 100 meter lang bij 68 meter breed. Vroeger was het wel iets langer dan nu, de doelen stonden tot tegen de platen. De nieuwe doelen werden 1 meter van de kant geplaatst om beter het gras te kunnen maaien.

Vertel nog eens iets over het veld dat niet geweten is

In al die jaren heb je hier nog nooit een plas zien liggen op ons veld. Dat komt door de goede drainering via de onderlaag maar ook door het afwateringsysteem rond het veld. Volledig rond het veld ligt op 40 cm diepte een buizensysteem dat het water van het veld opvangt via betonnen putten die om de zoveel meter van elkaar liggen langs de omheining. Die moeten het water slikken en afvoeren via een traject dat uitkomt in de riolering van het Grootzand.

Luc, bij de voorstelling van de nieuwe Club 57 was voormalig bondscoach  Aimé Antheunis hier te gast en die wist te vertellen dat, van in zijn tijd al, Dendermonde een geweldig veld had waar iedereen graag kwam op spelen. Dat moet toch aanvoelen als een compliment ?

Zeker en vast, ik ben altijd zeer veeleisend geweest voor mezelf en misschien zelfs té, maar het resultaat mocht steeds gezien worden. Alleen jammer dat ik zelf niet meer kan maaien met zo een professionele machine want dat was toch mijn passie. Maar het meeste voldoening nu haal ik toch uit het moment na de match wanneer ik een pintje kan drinken met onze spelers, onze anciens, die mijn werk van het veld appreciëren.

 

Bedankt Luc voor dit gesprek, wij wensen je nog vele jaren zorg voor ons veld toe.

    enkele foto's    

   homepagina   

LUC EECKHOUDT

Onze terreinverzorger

 

"Met een kooimaaier reed ik hier een dambordpatroon in de grasmat,

doodjammer dat dat nu niet meer kan."

DSC_9859bis_bewerkt.jpg

ONZE SOFAGAST VOOR DE MAAND JUNI

Dag voorzitter,

laten we vooreerst kennis maken, wie is Bert Lambrecht ?

 

Ik ben Bert Lambrecht, 32 jaar oud en geboren en getogen in Dendermonde. Sinds 2012 ben ik actief als ondernemer. Mijn organisatie helpt klanten aan klanten. Ik heb als jonge knaap van 16 jaar gevoetbald bij de jeugd van KAVD. Ik werd enkele weken geleden aangesproken door KAVD om mee te helpen aan het verder professioneel en financieel uitbouwen van de VZW.

 

Heeft u, als ex-speler, de club wat gevolgd de laatste jaren ? 

 

Ik heb KAVD de laatste jaren vooral vanop een afstand gevolgd en via gesprekken uit 2e hand. Zo hoorde ik dat er geen jeugd meer actief is sinds dit jaar. Maar ook dat de eerste ploeg terug actief is in 1e provinciale, wat toch een sterke prestatie is !

 

U had reeds  enkele informele vergaderingen met het bestuur vóór u de knoop doorhakte, wat heeft u overtuigd om het voorzitterschap te aanvaarden ?

Ik heb gemerkt dat het huidige bestuur meer dan 15 jaar hard en onbezoldigd heeft gewerkt binnen de club. Zij hebben deze club met hart en ziel bestuurd en georganiseerd in goede en kwade dagen. Zonder énige ondersteuning hebben ze de financiële kater van hun voorgangers helemaal doorgespoeld en KAVD terug naar 1e provinciale gebracht. Wat KAVD heeft laten zien de laatste jaren, met de beperkte middelen die vandaag aanwezig zijn, is een half mirakel. Ik zie nu een wit canvas, een club dat financieel gezond is met de nodige ambitie en honger naar verjonging, innovatie en structuur. Daar krijg ik de vrijheid voor om dat samen met het bestuur te organiseren.

 

Welke groeimogelijkheden ziet u voor KAV Dendermonde op sportief en extra-sportief vlak ? 

Er zijn enorme groeimogelijkheden binnen de club. De eerste stappen zijn al gezet met een nieuwe structuur en een ander sponsorbeleid. We gaan eerst en vooral moderniseren op vlak van sponsoring en meer betrokkenheid creëren bij de stad en de lokale Dendermondse bedrijven en ondernemers. Nadien nemen we de infrastructuur onder handen want KAVD is nog steeds het uithangbord van de STAD Dendermonde. Als laatste stap gaan we de Dendermondse jeugd weer een plaats geven om te sjotten binnen een sterke familiale en professionele structuur.

 

 

Als bedrijfsleider hanteert u een bepaalde beleidslijn die nauwgezet wordt bewaakt. Zal u ook zo trachten te besturen binnen de club ?

Zeker en vast, het is mijn taak om ervoor te zorgen dat ieder vanuit zijn eigen kracht de vrijheid krijgt om datgene te doen waar hij het sterkste in is en waarmee hij het maximale van toegevoegde waarde binnen de club brengt. Maar vrijheid is grenzen kennen. Deze grenzen zullen opgesteld worden binnen een bepaalde structuur waarin we samen weten welke weg we inslaan en ieder weet wat van hem kan/mag verwacht worden.

 

 

Binnen de bestuurskamer is er een realistische euforie, dat onze voorzitter een zeer waardige opvolger heeft gekregen. Voelt u het ook zo aan dat dit een boost kan geven binnen de club ?

Ik voel een duidelijke vibe binnen de club, maar het zal hard werken worden. We moeten realistisch zijn. Een beleid dat 15 jaar heeft gewerkt zal niet op 6 maanden worden gemoderniseerd. We gaan samen een weg inslaan en zien dat er elke week progressie is. Hoe klein ook. Op die manier zullen we langzaam maar zeker het sneeuwbaleffect zien evolueren.

 

Zal u ook beschikbaar en bereikbaar zijn voor onze supporters, medewerkers en sponsors ?

 

Ik ben een luisterend oor voor een ieder die dat wenst. Ik zal tevens er alles aan doen om alle thuiswedstrijden mee te volgen.

 

Tot slot… als je luidop zou mogen dromen, wat zou je willen bereiken met KAV Dendermonde ?

Ik denk dat er vaak en veel gedroomd geweest is. Ik voel dat het nu tijd is om te doen. We zijn nu al samen met het bestuur plannen aan het maken voor het beleid, de sponsoring, een jeugdwerking, de infrastructuur én over gesprekken met de stad. We bouwen aan een nieuwe ploeg met een nieuwe trainersstaf en we hebben een nieuwe sportieve cel. En er zullen nog nieuwe, bekwame mensen bij komen. Als we ons elke dag focussen op progressie en kwaliteitsbewaking dan is succes een logisch gevolg. Mijn droom is als voorzitter kampioen te worden maar dat is iets dat de spelers moeten doen en dat heb ik niet in de hand. De andere zaken gaan we plannen en uitvoeren.

 

 

 

Alvast nogmaals welkom voorzitter en veel succes !

   homepagina   

BERT LAMBRECHT

Onze voorzitter

 

"Wat KAVD heeft laten zien de laatste jaren, met de beperkte middelen die vandaag aanwezig zijn, is een half mirakel."